In één van Sydney Bank’s (degene die de 3 principes als zodanig verwoordde) audio’s zegt hij globaal het volgende:

“Er komen gedurende een dag duizenden gedachten door je heen. Dat is niet te voorkomen. Je hebt wél de vrije wil om met een gedachte aan de slag te gaan of hem voorbij te laten drijven”.

In mijn ogen ontstaat daar het verschil tussen een druk en een rustig hoofd, tussen stress en ontspanning, tussen gepijnigd en okay zijn.

Niet de hoeveelheid gedachten die er door je hoofd gaat zorgt voor het hoge toerental onder je hersenpan maar de mate waarin je ze serieus neemt en er op voortborduurt.

Ik nodig je graag uit om nu gelijk even zelf te kijken.

Neem daarvoor het of een onderwerp waar je veel en vaak over nadenkt.

Kun je herkennen dat je gedachtespoor over dit onderwerp altijd ergens begint? Het is vaak een relatief onschuldige observatie of constatering. “Mijn kind zit al de hele dag op zijn kamer” of “Ik heb veel te doen vandaag” of “Ik heb geen tijd om te sporten”.

In feite komt zo’n gedachte op als een scheet. “Poef!”. Je ruikt hem misschien even maar dan is ‘ie al weer weg. Je hebt vrijwel niet eens door dat je hem denkt.

Er zijn ook gedachten die je interesse wekken en dan laat je hem niet voorbij vliegen maar ga je aan de slag.

Je borduurt (meestal niet zo) vrolijk voort op die aanvankelijke observatie. Een serie kruissteekjes over de betekenis van wat je observeert. Een lange rij steelsteken waarmee overlap tussen de verschillende gedachten ontstaat. Kettingsteken om een koppeling naar de toekomst te leggen. Festonsteken om een lus naar het verleden te maken. En tot slot een flink aantal stiksteken om lijn in je verhaal te brengen en de gedachteboel bij elkaar te houden.

Geheel uit eigen vrije wil borduur je er op los en met elk gedachtesteekje voelt je verhaal realistischer én vaak problematischer. Voor je het weet heb je een wandkleed geborduurd met een zeer echt uitziende voorstelling.

Terwijl er – laten we dat niet vergeten – in den beginne slechts een observatie of constatering was. Die observatie/constatering was nog niks. Hij was niet erg, niet eng en niet onrustig. De aanvankelijke gedachte had voorbij kunnen waaien maar werd een wandtapijt in technicolor doordat je er mee aan de slag ging.

Is dat erg? Nee.

Kan het anders? Ja. Met minder voortborduren ontstaat automatisch meer moeiteloosheid.

PS: Mijn leven werd moeitelozer naarmate ik meer inzicht in de 3 principes kreeg doordat ik mee ging doen aan online programma’s, 1-op-1 in gesprek ging en live bijeenkomsten bijwoonde. Elk van die drie vormen zijn voor jou ook beschikbaar bij Shift Academy: klik hier voor alle mogelijkheden. In het programma Time2Shift komen ze allemaal samen, met een diepe ‘grounding’ (en dus die moeiteloosheid) tot gevolg. We starten in september en je bent heel welkom om mee te doen!