In sommige stromingen is er de opdracht om ‘in het nu’ te blijven. Sydney Banks verwees er ook wel eens naar en noemde het ‘Thuis’. Een natuurlijke staat van zijn, kijk maar naar baby’s. Dat ‘nu’ zou je ook kunnen beschrijven als een oneindige ruimte die er altijd is en waar je vanzelf naar ‘terugkeert’ (of zelfs in oplost!) zodra je inziet dat je in een gedachtegang was verdwaald. En die gedachtegangen bestaan alleen in het conceptuele brein. Ze zijn een illusie. Ook de steeds opnieuw bewandelde gedachtegang die vertelt dat we een afgescheiden persoontje zijn. In plaats van die oneindige ruimte.

In het nu zijn is dus eigenlijk heel simpel. Je kunt namelijk nooit ergens anders zijn. Hooguit wordt er de illusie gecreëerd dat je daar niet bent. In en door het Denken. Zo kun je ook nooit iets anders zijn dan die oneindige ruimte. Of pure liefde, onvoorwaardelijk geluk, Thuis, heelheid, oké-zijn (pik gerust een term die ‘resoneert)’. Al kan er wel de illusie gecreëerd worden dat je iets anders bent.

In alle eenvoud kan dat besef ons het volgende laten zien. Fijn om te realiseren als het wringt of schuurt van binnen. Ik ben oké en beleef de illusie dat er een probleem is. Ik ben oké en heb de illusie dat er iets mis is met mij of de wereld zoals ik die zie. Ik ben oké en ervaar de illusie van depressieve gedachten en gevoelens. Ik ben oké en geloof in illusoire ideeën als ‘ik mag niet eten’ of ‘ik moet mezelf snijden’. Ik ben oké en neem de illusie van beperking en niet goed genoeg zijn waar. Ik ben oké en heb de mogelijkheid om iets anders te denken en voelen en zien.

En maak hier vooral geen nieuwe mantra van, maar laat het een groeiend besef zijn.

Ik ben oké. Ik ben. Punt.

Share This